Mijn stelling: je moet ze altijd in de gaten houden, die politici! Achter je rug om gaan ze met hun surfplank opeens op een hele andere golfstroom ‘over’ en zoeken ze een nieuwe warm plekje in de openbare discussie. Wat te denken van de prominente PvdA-ers Saskia Stuiveling (hoofd Rekenkamer) en Jacques Wallage (ex-burgemeester van Groningen)? Hoorde ik partijgenoot Maarten van Rossum eergisteren, tijdens zijn terugblik op de jaren ‘0, nog beweren dat de Fortuyn-beweging bestond uit ‘een stelletje idioten’, vandaag nam Jacques (het prototype van de bedillerige bestuurder) op dezelfde zender (Radio 1) zomaar de woorden ‘task force’ en ‘afrekenen’ in de mond! En vond Saskia Stuiveling dat de overheid van bovenaf ‘duidelijke keuzes’ moet maken en problemen voortaan ‘vraaggericht’ dient op te lossen! Ja ja, hier zien we een elite driftig aan het surfen… Op de drempel van het nieuwe decennium tracht pluchepartij PvdA de taal en de ideologie van het Fortuynisme ’in te sluiten’ en over te nemen. Wie in de partijtop belt Maarten nog even op om te zeggen dat dat ’stelletje idioten’ bij nader inzien toch wel de vinger op zere plekken heeft gelegd?
Archive for december 2009
De Groene doet z’n plicht
In Geen categorie on 31 december 2009 at 09:35De prachtbundel ‘Tot ook ik verwaai’ van Peter Swanborn is dan – eindelijk – ergens besproken, en wel door Erik Lindner op de site van de Groene Amsterdammer. Het is goed en slecht nieuws tegelijk: goed nieuws DAT het gebeurd, slecht nieuws dat we voor dit soort recensies zijn aangewezen op de website van een ‘marginale uitgave’ als De Groene. Wie volgt?
Klik naar:
Belgen blokkeren Thalys
In Geen categorie on 31 december 2009 at 09:23Na een geslaagd flitsbezoek aan Parijs zou ik een juichverhaal over de Europese binnensteden kunnen afsteken, maar bij dit weblog hoort, vraag me niet waarom, toch meer het klaagverhaal over wat er NIET goed ging. Dat was op deze trip vrij duidelijk: de Thalys-aansluiting Anterwerpen Centraal – Brussel Zuid. Terwijl de marketingafdeling van NS Hi Speed de blaren op zijn tong praat om de spectaculaire reistijden te communiceren die het grote publiek de Thalys naar Parijs in moet krijgen, verandert de trein tussen Antwerpen Centraal en Brussel Zuid drie kwartier tot een uur lang in een veredelde stoomtrein. Alsof de Vlaamse overheid de Thalys-passagiers extra wil pesten, telde ik op dit traject maar liefst negen lokale treinen die aan weerskanten onze stalen supertrein voorbij staken. Soms zelfs met een triomfantelijk toetergeluid. Het scheelde niet veel of we werden bij elk, langs de spoorlijn gelegen huis in Mortsel, Kontich en Mechelen uitgenodigd om thee of koffie te komen drinken. Zowel op de heen als de terugweg kwam de trein diverse malen tot stilstand, en keken we soms tien minuten lang naar een afgebroken fabriek of op apengapen liggend parkeerterrein. Als je dan ook nog rekening houdt met het feit dat Nederland het traject van de Nederlandse grens tot aan Antwerpen heeft gefinancierd, bekruipt me het gevoel dat we die Westerschelde voorlopig maar ’ns helemaal niet moeten uitdiepen. Immers, zoveel is duidelijk, onze Belgen BLOKKEREN dit inter-Europese treintraject op flagrante wijze. En dat in de achtertuin van de Europese hoofdstad Brussel!!!
Voor de rekenaars onder ons: de afstand Brussel-Antwerpen, zo’n 40 km, zou de Thalys op topsnelheid circa 10 minuten (!) kosten en de reistijd tussen Amsterdam en Parijs met nog eens een half uur bekorten.
Waar is de krant?
In Geen categorie on 28 december 2009 at 20:59De rampspoed van de de dagbladen ligt (1) aan de falende directies, (2) aan de luie (jonge) lezers, (3) aan de geldgraaiende ‘venture capitalists’ en (4) aan dat rottige, gratis internet. Ik wil – in alle bescheidenheid – ook een vijfde oorzaak lanceren: het ligt aan de journalisten zèlf! Hoe is het bijvoorbeeld mogelijk dat twee prachtige dichtbundels, die ik hier gesignaleerd heb, nog steeds niet ordentelijk besproken zijn op de literatuurpagina’s van één van de toonaangevende kranten? Hoe kun je ooit denken weer een inhoudelijke rol te gaan spelen of commercieel succesvol te zijn als je, zoals nu gebeurt, slaafs achter de massamedia aanholt? En (teveel) meningen debiteert over zaken die wij, lezers, ook al hebben gezien of gehoord? Waar is de krant als PIONIER? Als UITKIJKPOST? Of valt die taak voortaan aan blogs als deze toe? Voor de goede orde: de honds behandelde bundels zijn die van Peter Swanborn (‘Tot ook ik verwaai’) en Sylvia Hubers (‘Vandaar dit huwelijksleven’).
Hallo, krantenredacties, wak-ker wor-den!!!!
Yolanthe zegt ‘ja’ tegen Wesley
In Geen categorie on 28 december 2009 at 20:37- Ze bibbert en denkt aan het type publiciteit als ze ‘nee’ zegt – en zegt ‘ja’
- Ze denkt aan de efficiencyvoordelen als ze straks allebei dezelfde zaakwaarnemer hebben - en zegt ‘ja’
- Ze kijkt naar alle familieleden van Wesley, naar de lachende stewardessen, denkt aan een hele reeks komische films – en zegt toch ‘ja’
- Ze ziet Wesley op zijn knieën zitten, aait ‘m over zijn bolletje, denkt dat ze hem de baas kan – en zegt ‘ja’
- Ze rekent de alimentatie uit, op jaarbasis de helft van 8 miljoen… – en zegt ‘ja’
1 existentiële dialoog
In Geen categorie on 26 december 2009 at 13:25‘Waarom houd jij een weblog bij?’
‘Goeie vraag. Voor mijn gezondheid, denk ik.’
‘Heeft een dokter ‘t je voorgeschreven?’
‘Ja. Zij ‘t dat ikzelf die dokter ben.’
‘Wat gebeurt er dan als je ermee stopt?’
‘Dan ga ik achteruit.’
‘Achteruit? Hoe bedoel je?’
‘Wat ik zeg - achteruit. Ik word minder. Mentaal vooral.’
‘Je houdt toch juist meer ruimte over als je dagelijks al die berichtjes niet meer hoeft te tikken? Misschien doet ‘t je mentaal juist goed!’
‘Jij mag dat denken. Ik denk dat niet. ‘
‘Waarom niet?’
‘Ik weet niet of ik je teleurstel, maar wat ik op het weblog produceer is in mijn ogen toch het beste wat ik dagelijks te bieden heb. Qua ideeën en gedachten.’
‘Maar het is toch mooi zat dat je ze “hebt”? Je hoeft ze toch niet steeds op het weblog te publiceren?’
‘Als ik ze niet publiceer, bestaan ze niet. Voor mij.’
‘Dus ben je een slaaf van je eigen waanideeën?’
‘Wie niet?’
‘Zonder weblog, geen geestesleven. Denk je dat echt?’
‘Zonder weblog een beetje doder. Ja, dat denk ik echt. Verdien ik nu stokslagen?’
Treinen naar Nergenshuizen
In Geen categorie on 22 december 2009 at 09:51Over de vreemde ontwikkeling ‘weeralarmen’ en ‘weerswaarschuwingen’ te gaan introduceren en over zowat elke weertechnische ‘hoest’ (een buitje, een windvlaagje) eindeloos te gaan berichten in de massamedia, schrijf ik wel een andere keer. Wat me vanochtend op Radio 1 – tijdens dag twee van de aanloop naar een Witte Kerst – vooral opviel was het flinterdunne alibi waarmee mensen op reis gaan. Horende hun smoesjes en vage lulpraatjes moest ik meteen denken aan de uitspraak dat alle ellende in de wereld begint met het idee dat je ’s ochtends via de voordeur naar buiten moet (was dat niet Gerard Reve?). Op station Utrecht rende een NOS-verslaggeefster rond, die passanten vroeg ‘hoe het ging’ (met de vertraging), wat hun eindbestemming was en welke dringende zaak er eigenlijk op die eindbestemming op hen lag te wachten. Met name op die laatste vraag kwam bij niemand een bevredigend antwoord. ‘Ja, maar ik heb een tijdsplanning,’ zei een jonge vrouw aarzelend, die zich halverwege het interview, onder druk van de interviewster, bijna had laten overhalen om weer naar huis te gaan en met dikke sokken op de bank een boek te gaan lezen. Zij wilde dus, bij nader inzien, alleen maar naar Amsterdam CS om ‘een tijdsplanning’ te halen, waarvan onduidelijk bleef of ze die thuis niet ook kon halen. En of iemand er van wakker lag als die tijdsplanning een keertje niet gehaald werd. De volgende mevrouw moest naar Amersfoort. ’Wat moet u daar doen?’ vroeg de NOS-dame. ‘Eh… naar kantoor,’ zei de mevrouw licht beschroomd (alsof ze het zelf ook wat tuttig vond klinken). ’Kunt u niet een dagje overslaan?’ zette de NOS-dame door. ‘Eh… ik heb vandaag een vergadering. Teamoverleg.’ Ik zag de vergadering voor me, vooral de onderlinge blikken van verveeldheid (‘o, Detta gaat zeker weer beginnen over de jaarplanning, pfffff’) en toen de mevrouw vervolgens het antwoord schuldig bleef op de vraag of het ’erg’ was als dat teamoverleg in het nieuwe jaar zou plaatsvinden, wist ik genoeg: ze moest naar Amersfoort omdat ze gewoonweg niet beter wist dan elke ochtend naar Amersfoort te gaan. Puur automatisme. De NOS-dame voelde dat ze beet had en vroeg nog enkele andere passanten naar hun dringende wens de trein te halen. Alleen voor een dochter die haar alleenstaande moeder gezelschap wilde houden (‘ik heb een lekkere moorkop voor haar bij me’) kon ik begrip opbrengen en wilde ik, als luisteraar, dat de trein onmiddellijk in beweging kwam. De rest kon net zo goed naar huis… Maar de treinreis zat zó ingebakken in hun patroon, in hun Verhaal, dat het erop leek dat een dagje niksen of ontspannen een ongewenste emigratie betekende uit hun (ingebeelde?) Universum Van Urgentie.
Of verdient de mens ten volle zijn als werk vermomde ‘recht op luiheid’?
Samsom leeft nog in ‘oude wereld’
In Geen categorie on 19 december 2009 at 12:07PvdA-kamerlid en klimaatyup Diederik Samsom is zwaar teleurgesteld over de afloop van de top in Kopenhagen. Zó teleurgesteld dat hij een karikatuur maakte van het verzet van bepaalde ontwikkelingslanden, die ook in laatste instantie dwars bleven liggen. Zo noemde hij die landen – opmerkelijk voor een PvdA-er! – ‘anti-Amerikaans’; hij bedoelde onder meer Hugo Chávez (Venezuela) en Raul Castro (Cuba). Diederik is altijd al een opgewonden standje geweest, zeker bij Greenpeace. Toen al waren zijn voornaamste strijdmakkers: Het Cliché en De Overdrijving. Nu heeft hij dus een nieuwe groep landen ‘in de ban’ gedaan, afgschilderd als een nieuwe ‘axis of evil’. Hijzelf haalt daar ongetwijfeld bevrediging uit – het benoemen van Het Kwaad -, maar waar hij niet bij stilstaat is dat het verzet veel breder is en dat de ontwikkelingslanden misschien, net als hij, diep teleurgesteld zijn. En het ’succes’ van een (magere) overeenkomst tussen de rijke landen volledig anders inschatten. Want wie heeft nu al last van de CO2-crisis? Juist! De ontwikkelingslanden!
Samsom leeft nog in de ‘oude wereld’, waar het noordelijk halfrond de dienst uitmaakt. Welterusten, Diederik…
Hup, Jeroen!
In Geen categorie on 19 december 2009 at 10:36Vanochtend werd het Radio 1-Nieuws gepresenteerd door ‘invaller’ Jeroen Overbeek (ook nieuwslezer bij tv). Wát een verademing! Wát een stem! Wát een klasseverschil ook met het ‘gezellige niets-aan-de-hand-duo’ Marcel Oosten en Lara Rense! Overbeek beheerste de materie, stelde gortdroge, maar noodzakelijke vragen, vatte ijzig kalm en precies samen en leek (hulde!) al niet meer echt warm te lopen voor de even schaamteloze als doorlopende Radio 3-promo van ‘Serious Request’. (Braak.) Kortom, Jeroen heeft mij er in krap anderhalf uur overtuigd van het feit dat hij een geweldig radiotalent is, die ik veel vaker zou willen horen. Qua doorstastendheid en journalistiek instinct laat hij elke stem op Radio 1 achter zich. Echt…
Klimaatparia
In Geen categorie on 17 december 2009 at 18:06Kijken naar geaccrediteerde VPRO-journalisten, die op de klimaattop recht – en uiteraard verontwaardigd – in de camera lopen te klagen dat ze niet in zaal A of B worden ‘toegelaten’. Ik krijg daar rare kriebels van. Het zal wel de internet-generatie zijn: hoog van de toren blazen over wat je allemaal wel en niet mag eten, drinken of consumeren, maar als ze zelf even een half uurtje moeten wachten (en wat is dat nou op de levensduur van Moeder Aarde?) worden het meteen verwende kinderen. Zelf ben ik tot dusver niet ‘warm gelopen’ voor dat klimaat. Nog even en ik ben een paria. ‘Wil jij dan niet dat de kleinkinderen van je kleinkinderen een goed bestaan hebben hier?’ vroeg onlangs een goede vriend. Ik zei: ‘Wacht even… Wil je dat nog een keer herhalen?’ Hij herhaalde het gevraagde en we begonnen moeizaam uit te rekenen in welk tijdvak de ‘kleinkinderen van mijn kleinkinderen’ dan ongeveer zouden leven. We kwamen uit op ongeveer 1oo tot 150 jaar na nu. ‘Het klinkt mooi, hoor,’ bekende ik. ‘Maar bedoel je nou dat ik me over mijn graf heen solidair moet voelen met al mijn nazaten? Ik heb, eerlijk gezegd, al moeite zat om nu, vandaag de dag, solidair met ze te zijn. Ik geniet intens van elke seconde dat er onderlinge harmonie en wederzijds begrip is - want vanzelfsprekend is dat allerminst. En daarnaast vind ik ”de kleinkinderen van mijn kleinkinderen” wel erg abstract. Mag dat?’ Ik werd nog net niet uitgemaakt voor a-sociale hond, maar hoeveel scheelde ‘t? Opeens is het mode om elkaar de maat te nemen omtrent de ‘gevolgen over 50 of 100 of 200 jaar’. Van een sigaretje tot een autorit tot een vliegvakantie – voor je het weet moet je in vijfvoud een verdedigingsrede schrijven over je onverantwoordelijke lifestyle. Om nog maar te zwijgen van de zorgverzekeraar, die eveneens met een schuin oog naar de (verre) toekomst kijkt en bij elk pretje weer de waarschuwende vinger heft.
Toekomst, toekomst, toekomst… Ik word af en toe gek van dat woord. Gehersenspoeld zijn we! Gelukkig is daar de VPRO-journalist die niet binnenkomt bij de klimaattop, boos het gedrang verlaat en in zichzelf vloekt: ‘Ik heb ‘t godverdomme koud!!!!’ Alsof niets anders dan zijn eigen ongemak ertoe doet!
Hè, hè – toch een geestverwant…?
De ‘authentieke’ Jan Pronk is back!
In Geen categorie on 14 december 2009 at 12:56Vanochtend kreeg ik PvdA-ideoloog en rabiaat babyboomer Jan Pronk bij ‘Goedemorgen Nederland’ (KRO, Nederland 1) op mijn bord. Het leuke van Jan Pronk is dat hij tot de laatste snik Jan Pronk zal blijven, niets bijleert, niet luistert en wonend in zijn onwankelbare gelijk bij de linkse kerk doorgaat voor ‘authentiek’. De onzin komt doorgaans met bakken tegelijk uit zijn mond en ook vanochtend had hij weer containers lariekoek in petto. Hij klaagde feitelijk steen en been dat de Grote Denker Jan Pronk niet meer in de internationale arena opereerde, want er zat ‘geen sluitend politiek idee’ achter onze strijd in Afghanistan. En het vertrek waarop zijn eigen partij aandrong (dankzij de perfide leider Wouter Bos, die, vindt Pronk, te weinig op Jan Pronk lijkt) kwalificeerde hij als ‘naar binnen gekeerd’ en ’ingegeven door electorale overwegingen’. Die dekselse Pronk! dacht ik. Zou hij in de jaren ‘70 een ’sluitend politiek idee’ hebben gehad toen zijn partij de deur openzette voor Turken en Marokkanen om in Nederland te komen werken? Had het paarse kabinet een ’sluitend politiek idee’ achter de privatiseringen van zorg, onderwijs en energie? Heeft Jan Pronk zelf ooit wel eens een ’sluitend politiek idee’ gehad, anders dan het consequent kielhalen van alles dat zich aan de rechterkant van zijn eigen – linkse – hobby’s beweegt?
Jan Pronk, u weet wel, de man die vroeg in de jaren ‘90, bij de bevrijding van Koeweit uit de handen van Saddam Hoessein, na amper 24 uur strijd in de microfoon tetterde dat er sprake was van ‘overkill’. Daar zat toen vast een ’sluitend politiek idee’ achter hoe je een oorlog voert zonder een schot te lossen! Dream on, Jan!
Maak Jeltje wakker…
In Geen categorie on 11 december 2009 at 14:19Onthullend interview met de Haagse PvdA-lijsttrekker Jeltje van Nieuwenhoven in de VK vanochtend. Ze wil de media pertinent niet de schuld geven, hoor, maar de mensen zijn tegenwoordig zo ontevreden. (Zelfs Jeltje heeft ‘t nu door.) Vroeger, ja, vroeger ging ze met plezier naar haar bakkertje… Maar nu? Nu hoort ze daar alleen maar geklaag en is de lol eraf. Terwijl het ons, goedbeschouwd, toch voor de wind gaat - meent Jeltje. Het zal wel niet in Jeltje’s botte hersenen opkomen dat juist haar partij het ‘gezicht’ van onze huidige welvaart heeft bepaald. En dat dat een gezicht een waterhoofd heeft vol humorloze, bedillerige PvdA-ambtenaren waar je sowieso – links of rechts, hoger- of lageropgeleid – stinkchagrijnig van wordt. Als je Jeltje goed leest, zegt ze eigenlijk dat ze niet begrijpt dat zij en haar partij niet op handen worden gedragen. Dat ze geen eretocht door de residentie krijgen aangeboden.
Ik zou zeggen: Hagenezen, laat Jeltje definitief ‘wakker worden’ op verkiezingsdag!
Hongerige wolf peuzelt Hubers op
In Geen categorie on 6 december 2009 at 20:42Het grootste gevaar als je over poëzie schrijft, is dat je net zo ruimdenkend, invoelend en begripvol wordt als poëtisch geesten verondersteld worden te zijn. Ik ben namelijk niet ruimdenkend, invoelend of begripvol – ik ben een hongerige wolf op zoek naar gedichten die mij inspireren. En in die hoedanigheid is het volstrekt zinloos woorden te besteden aan bundels of dichters, waarbij je niks in je maag voelt rommelen. Wiens vlees zonder kraak op smaak door je slokdarm glijdt. Met die benadering houd je het (1) lekker overzichtelijk, (2) positief en (3) hoef je, halleluja!, niet in discussie met academische haarklovers, die de maag als wegingsfactor totaal niet serieus nemen.
De laatste bundel die ik met smaak heb opgepeuzeld, is ‘Vandaar dit huwelijksleven’ van de Haarlemse stadsdichter Sylvia Hubers (1965). Hier hebben we een vrouw aan het woord die naakte gekte en waanzin toelaat of aantrekt, en daar, in jaloersmakende buien van vormbewustzijn, een klap aan uitdeelt, waarna er zelfs voor Opel- en Ford-rijders te genieten poëzie uitrolt. Om die klap uit te delen en de gekte/waanzin te betrappen, heeft Hubers geen moeilijke woorden nodig. Integendeel. Met huis-, tuin- en keukentaal, die dicht bij die van de Libelle ligt, creëert ze soms bevrijdende, soms benauwende universa. Zomaar een toppertje uit de bundel is deze:
MET STOPVERF/Nee, ik zal je niet/met stopverf vergelijken/zoals je daar in je stoel/met je benen over elkaar/je armen om de krant.//Ik loop in leuke jurkjes voorbij/met kopjes en schotels, ik heb ook/nieuwe tanden geprobeerd.//Stopverf drinkt/af en toe een slokje koffie//een hoorbaar slokje/dringt de stilte binnen
Ik weet niet hoe het u vergaat bij het lezen van dit gedicht. Maar ik denk dat het woordje ’stopverf’ voor mij nog jarenlang een afschrikwekkende en morbide betekenis zal hebben. Met dank aan Sylvia Hubers. Wat ook erg lekker was aan haar nieuwste werk, is de manier waarop Hubers zich vormtechnisch ‘vrij vecht’ uit de symbolische modderlagen, waar heel veel poëzie in verdwijnt. Sterker nog: ze gaat af en toe de grens over en verlevendigt haar bundel met het marginale genre van het zeer korte prozaverhaal! Ook daar produceert ze menig juweeltje.
Hoewel ik in de verleiding ben de hele bundel te citeren en bejubelen, zie ik het als mijn primaire taak u hongerig te maken naar de wonderlijke geest van Sylvia Hubers. Dus sluit ik zuinig af met een andere favoriet. Als die u bevalt – net als ‘Met stopverf’ - kan het niet anders of u moet deze bundel gauw bestellen.
ZIJ/Zij zouden echt niet met de hemel te koop lopen/als die bestond. Echt niet. Zij zouden hun hemelpoort/verbergen, dikke pijpen roken, ijskoud in de verte/langs je kijken wanneer je de onmogelijke vraag stelt
Als je hier geen trek van krijgt…
Volkskrant: smoeltjes in stoeltjes
In Geen categorie on 4 december 2009 at 10:06Of het nu uit wijsheid is of uit wantrouwen, het gros der consumenten laat zich niet makkelijk meer de spreekwoordelijke Knollen voor Citroenen verkopen. Zeker als het om nieuws en opinie gaat. Waarom zou je iemand geloven met een ander leven, andere overtuigingen en andere uitgangspunten? Ooit liep ik – eind jaren ‘90 – rond op de redactievloer bij SBS6, meer in het bijzonder bij de spraakmakende jongens en meisjes van het volksjournaal ”Hart van Nederland”. De hoofdredacteur had toen al in de smiezen dat de journalist/verslaggever, uit oogpunt van publieke geloofwaardigheid, meer dan ooit ’onderdeel’ moest zijn van het nieuws – geen kille observator. Hij zei nog net niet dat je jezelf in de hens moest steken als je verslag deed van een uitslaande brand in een woonwijk of bedrijventerrein, maar veel scheelde het niet. De ‘belevende journalist’ was geboren, en tegenwoordig heet SBS’ paradepaardje in dat genre Alberto Stegeman.
Opgelet: ik vond en vind “Hart van Nederland” in de uitvoering nog steeds een infantiele sensatierubriek, maar de basisfilosofie was zo gek nog niet. Dit jaar won Jelle Brandt Corstius (VPRO) zowat de Nipkow-schijf met de reportagereeks ‘Van Moskou tot Magadan’, waarin hij zichzelf zonder vrees, en ogenschijnlijk willekeurig, in allerlei mini-ex-Sovjet-staatjes lanceert en de vreemdste gesprekken en situaties op camera vastlegt. Met gevaar voor eigen leven! Pietje Bell achter de Oeral, zoiets. Erg aanstekelijk…
Nee, dán de recensenten en redacteuren van de VK, die tegenwoordig ontspannen in hun designerstoeltjes achterover leunen! En in de bijgaande kolommen hun volstrekt voorspelbare, zure zelf mogen etaleren! En – kennelijk – óók nog denken dat wij daar tot in lengte van dagen voor blijven betalen!!! Ik noem een Jean-Pierre Geelen, een Bor Beekman, een Peter Giessen, een Caspar Janssen… Wie? Ja, u hoort het goed: de weergaloze kanonnen van de Achterover Leunende Elite Van De VK. Die lui waarmee ze hopen nieuwe abonnees te werven en recordomzetten te draaien… Alleen al de ’air’ van onfeilbaarheid waarmee ze je ’s ochtends aankijken, de houding van ‘niets-raakt-ons’ en ‘wie-maakt-ons-wat?’ is bijna genoeg om mijn abonnement in te leveren. Hééé, halloooo ! Kom ‘ns uit die steriele kantoortuin! Die krasvrije designermeubels! Weten jullie nog hoe een stoep eruit ziet, een drukke markt, een bijstandsmoeder? Of blijven jullie liever naar de koffiemachine heen en weer lopen? Voor eeuwig onfeilbare Smoeltjes in Stoeltjes? In de Volkskrant is de ‘oude journalistiek’, in z’n meest arrogante vorm, opnieuw begonnen.
Ik rehabiliteer Vrij Nederland, tot morgen…
In Geen categorie on 3 december 2009 at 22:24Geen wispelturiger mens dan de blogger. Elke dag probeert hij op z’n minst te suggereren dat hij een nieuwe zienswijze of ervaring in de aanbieding heeft. Dat die zienswijze of ervaring mogelijk dwars tegen zijn eerdere zienswijzen en ervaringen ingaat, is voor een blogger geen bezwaar. Voor hem is gisteren ongeveer de Middeleeuwen. En zo kan het gebeuren dat ik vanmiddag de nieuwe Vrij Nederland uit de schappen pakte (verleid door een cover over Nalden, een succesvolle blogger) en, eenmaal de laatste bladzij omgeslagen hebbend, tot de conclusie kwam dat ik me twee uur erg vermaakt had met het blad. Beweerde ik op ‘Seksloos’ een paar weken terug nog maar dat het in VN eerder 1970 is dan 2020, nu zit het met verhalen over bloggers (hip), de baardrevival (hipper) en de door dansende discogeneratie (hipst) midden in de zogenaamde Tijdgeest. Ik trek mijn eerdere kritiek dus volledig in. In ieder geval tot morgen…;-)
Aparte vermelding verdient de column van vaste VN-columnist Micha Wertheim, ditmaal over het ‘Rekeningzeuren’. Ik dacht even dat ik erin bleef, zó komisch was de analogie met het rekeningrijden! Als VN een voetbalclub was zou je zeggen: ‘Aan die jongen gaan ze nog veel plezier beleven.’
De kunst van het zwijgen
In Geen categorie on 1 december 2009 at 21:56Kan je een partij schaak winnen als je minder schaakt dan je tegenstander? Nagenoeg onmogelijk. Kun je een voetbalwedstrijd winnen als je twee klassen minder voetbalt dan je opponent? Dat is al een stuk waarschijnlijker. Hoe vaak komt het niet voor dat een topelftal negentig minuten lang op de hechte defensie van een hekkensluiter stuit en in de blessuretijd de 1-0 schlemielige om de oren krijgt? Oké, dan tennis… Lijkt deze sport meer op het ‘eerlijke’ schaak of het ‘oneerlijke’ voetbal? Ik neig naar het ‘oneerlijke’ voetbal. Zeker op amateurniveau zie je regelmatig sterke spelers ineenschrompelen tot beginnelingen als ze met een juiste mix van hoge ballen, effectslagen en doeltreffende klappen aan het wankelen worden gebracht. Gelukkig maar. Als pure recreant heb ik er soms duivels plezier in om een goede C- of B-speler psychisch naar de afgrond te tennissen en hem, indien mogelijk, te verslaan. Je maakt er niet altijd vrienden mee, maar ja, dat is een ander verhaal…
In de strijd om je speltechnische achterstand via het psychologische spel te compenseren, is zwijgen een belangrijk onderdeel. De oudjes onder ons herinneren zich Björn Borg nog wel, het zogenaamde ‘ijskonijn’. Die wist eind jaren ’70 tegenstanders tot razernij te brengen door zelf, ook na de grootste blunder, te blijven zwijgen, stoïcijns naar de baseline te lopen en met ongebroken lichaamstaal de volgende service te ontvangen. Borg was de eerste speler die het zwijgen – of het niet-reageren – tot Kunst verhief. Het zwijgen heeft een tweeledig effect. Ten eerste houd je jezelf geconcentreerd op het volgende punt dat strikt genomen evenveel oplevert als het punt dat je net op domme wijze hebt ingeleverd. Ten tweede rekent de tegenstander na een aperte misslag stiekem op een gefrustreerde schreeuw, die hem een extra stoot adrenaline geeft. Als je hem met zwijgen die adrenalinestoot ontzegt, kan er zomaar ineens sprake zijn van het omgekeerde effect, namelijk: dat jij ondanks een vette blunder als de (psychische) overwinnaar uit de bus komt.
Borg heeft ‘school’ gemaakt met zijn structurele zwijgen. In het moderne profcircuit zie je nog zelden opgewonden standjes. Elke moderne tenniscoach weet inmiddels dat wilde theatergebaren op de baan geen ‘rendement’ opleveren. Van de weeromstuit begin ik hevig te verlangen naar de Oerschreeuw en het Woedend Stukgelagen Racket. Hoewel ikzelf ook een gevorderde zwijger ben, ga ik, als tegenwicht, binnenkort ook een keer uit de bocht vliegen en sla ik mijn racket stuk tegen de umpirestoel. Ik zeg niet waar en wanneer, maar u mag komen kijken!
(Deze column werd geschreven voor de ‘Baanpraat’, het cluborgaan van ATV Berkenrode)
Peter Swanborn is prachtig
In Geen categorie on 1 december 2009 at 12:01Wat een heerlijk ’simpele’ kop, hè lezer? Ik zou het zo nog 100 x willen herhalen: ‘Peter Swanborn is prachtig’. En ik doel dan, met name, op zijn pas verschenen bundel ‘Tot ook ik verwaai’ (Podium). Hoewel ik doorgaans niet erg gesteld ben op themabundels, weet Swanborn mij hier terstond te ontdooien. Hij richt een monument op voor zijn dementerende moeder – en wat voor één! Hier beschrijft een zoon, in de kracht van zijn leven en met minutieuze passie, het stapje voor stapje wegglijden naar een eeuwige donkerte. Een proces dat gedicht na gedicht aan kracht, intimiteit en universaliteit wint. Daarenboven – en dat is al even knap – weet hij de scheidingswand tussen het lot van zijn moeder en de haar omringende mensen – soms subtiel, soms keihard – weg te trekken, waardoor de lezer op een intelligente manier schrik wordt aangejaagd. ‘Wat mijn moeder kan overkomen, kan jou ook overkomen’. Het gedicht ‘Verjaardag’ is hiervan een treffende illustratie:
Familie compleet, bloemen in plastic,/soep met kroket, hard praten,//cadeautjes bedoeld om goed te maken,/vers kleinkind onhandig op schoot gelegd.//Ze ziet niets, hoort alles, keert zich af./Die mensen, wat willen ze toch?//Iedereen druk met elkaar of zichzelf./Het weer, het werk, vakantie, hypotheek.//Ze luistert en zwijgt, zegt niet:/wacht maar, ook jullie zijn alleen.
Ik blijf erbij: Swanborn is prachtig! De hele bundel door houdt hij dit niveau en rijgt hij het ene prachtminiatuurtje aan het ander. Zoals een andere recensent opmerkte gaat zijn werk ‘direct naar hoofd én hart’, en dat kan geen kwaad in de toch licht steriele wereld van de Nederlandse poëzie. Voor meer uitgebreide en uitgewerkte recensies kunt u terecht bij mijn ‘collega’s’ van de kranten en de diverse poëziesites.